Terwijl de zon net opkwam in Caïro (06.15), openden wij ook onze ogen. Het bleek niet nodig, maar wij hadden wel onze wekker gezet. Om 07.00 zouden wij namelijk opgehaald worden voor onze dagtrip. Dit hebben we geregeld via ons hostel. De eigenaar was speciaal voor de trip op tijd opgestaan, zodat hij ons ontbijt nog kon maken. Belangrijk om te vermelden. De eerste dag ontbeten we in ons hostel. Dit kan vanaf 08.30. Dit komt denk ik zodat de eigenaar ook een beetje kan uitslapen. De tweede dag aten we buiten de deur. Gisteren vroegen we weer om ontbijt en was alles ontregeld. Ik denk dat hij er al vanuit was gegaan dat we niet zouden ontbijten. Vandaag wist hij het wel en zaten wij dus iets over half 7 weer op ons balkon aan het ontbijt.
Net over zevenen stond onze chauffeur klaar. Hij reed ons naar Tunis. Vanuit dit dorp zouden we overstappen naar een jeep om de woestijn in te gaan. Onderweg naar Tunis keken we weer onze ogen uit. We kwamen eerst door Fayoum. Een boerendorp langs het water. Hier zagen we de een na de ander op een ezel voorbij komen. Dit was denk ik het voornaamste vervoersmiddel. Ook reden er mini busjes voorbij. Deze zien we al volgepropt in Caïro, maar hier hangen mensen zelfs aan de achterkant. Of een pick-up met een koe achterin. De normaalste zaken ter wereld hier. Aangekomen in Tunis, stapten we over en vervolgden we onze weg met de jeep.


We begonnen de rit met een route naar Wadi Al-Hitan. Dit was niet netjes over een weg, maar snel draaide de chauffeur van het asfalt en reed hij de woestijn in. Zonder bordjes of herkenningspunten wist hij blijkbaar precies waar hij heen moest. Wij zagen alleen maar zand, maar hij zag misschien iets wat hem de weg wees. Tussendoor stopten we nog even om te sandboarden. Je krijgt dat een soort snowboard onder je en glijdt dan van de zandduinen. Ik ging als eerst en kwam al snel op de grond terecht. De voorkant van het bord kwam namelijk bijna direct in het zand. Daarna gebeurde bij mijn vader hetzelfde. Ik wilde het nog eens proberen. Ik dus snel de zandheuvel weer op. Nouja, snel… Bij elke stap naar boven zak je er twee naar beneden, maar ik deed mijn best. Neem daar trouwens bij mee dat de zon op de steile helling scheen, waardoor het zand gloeiend heet was (haha). Helemaal buiten adem en mijn voeten warm van het zand, probeerde ik het nog eens. Gewicht iets meer naar achteren verplaatsen en zo weer met de neus het zand in (grrr). De chauffeur gaf aan dat ik ook kon zitten. Oké, doen we dat. Dit was wel lachen, maar staand moet toch ook kunnen. Uiteindelijk lukte het redelijk. Na een keer of 5 oefenen. Helemaal buiten adem, onder het zand en met warme voeten gingen we verder in de Jeep. Deze was zonder airco trouwens niet echt koeler…



Na een stuk door de woestijn, over asfalt en weer offroad, kwamen we uit bij Wadi Al-Hitan (walvis vallei). Misschien kun je je het niet voorstellen, maar de woestijn uit de foto’s was ooit een groot moeras. In deze vallei vind je fossielen die hier het bewijs voor leveren. Dit begon in het museum met het beste intacte skelet van de basilosaurus. Deze vis was de voorloper van wat wij nu kennen als de walvis. De fossielen die we hier vinden zijn 41 tot 35 miljoen jaar oud. Het dier was 15 tot 18 meter lang met scherpe tanden. In zijn tijd was de basilosaurus het grootste zeedier op aarde. Terwijl we het natuurgebied inliepen, besloot ik nog mijn doek (die ik gekocht had op de bazaar) om te knopen. Het was midden op de dag, wij liepen in de open zandvlakte en de zon brandde (zelfs na insmeren) al in mijn nek. De route bracht ons langs verschillende gesteenten waar fossielen in te vinden waren of incomplete skeletten. Ook vonden we fossielen van wortels van bomen. Deze stonden ooit in het moeras dat hier lag. Na hier even rondgelopen te hebben, vonden we het wel mooi. Het was gaaf, maar ook repetitief.








Terug bij de Jeep, die trouwens lekker opgewarmd was in de zon, reden we naar Wadi El Rayan. Dit is een groot meer midden in de woestijn. Je vraagt je dan natuurlijk af hoe dit water hier komt. Wij dus ook! Ik heb dit opgezocht en het blijkt dat dit komt vanwege de aanvoer van irrigatiewater uit Fayoum. Dit toevoersysteem is dus gewoon aangelegd door mensen. Wij zijn naar verschillende uitkijkpunten op de meren gereden. Dit ritje was al een beleving op zichzelf. De chauffeur deed dan ook erg zijn best er een soort offroad attractie van te maken. Van steile zandheuvels oprijden, tot flink schuin rijden, tot het laatste stuk van de berg afglijden. Hij deed er alles aan de ervaring volledig te maken. Bij het meer konden we ook nog even lekker afkoelen. Schoenen uit en voeten in het koude en heldere water.




Onze laatste stop was bij de Wadi El Rayan watervallen. Ja, zelfs dat in een woestijn. Dit komt omdat het hoger gelegen meer hier verbonden wordt met het lager gelegen meer. De waterval is dus ontstaan door hoe de meren zijn aangelegd. Desalniettemin zijn de watervallen mooi om te zien. Deze hele trip is dan ook echt een aanrader voor als je naar Caïro gaat. We sloten de trip af met een (late) lunch. Dit was droge kip met rijst en wat groenten. Prima, maar niks speciaals. Ze waren trouwens wel even vergeten te vermelden dat het drinken niet bij deze trip inbegrepen was. Er stond ook in de voorwaarden dat lunch inbegrepen was. Tjah, lunch bevat niet per definitie drankjes. Zo’n typisch Egyptisch trucje. Kijk dit filmpje voor een samenvatting van alles. Inclusief muziek waar wij ongeveer 8 uur lang naar geluisterd hebben in de auto.





Bij terugkomst in Caïro hebben we eerst gerust in ons hostel. Daarna gingen we naar hét restaurant voor het Egyptische nationale gerecht: koshari. Dit gerecht is een bijzondere combinatie van pasta, rijst, linzen, tomatensaus, kikkererwten en gefrituurde ui. Bijzonder, maar tegelijkertijd bijzonder lekker! Het volle bord zoals je op de foto ziet kostte slechts € 1,20. Onvoorstelbaar. Het restaurant lag wel in het drukkere gedeelte van downtown Caïro. Wij merkten dit meteen omdat we weer veel werden aangesproken door Egyptenaren. Ze kennen allemaal Amsterdam. Allemachtig prachtig. En ze hebben mooie aanbiedingen. Ze geven ook niet snel op, want veel lopen hele stukken met je mee. Uiteindelijk stonden we te wachten voor we “veilig” konden oversteken. Een man naast ons zei nog dat we moesten oppassen. Terwijl we beiden overstaken raakten we aan de praat. Where you from. Zucht… daar gaan we weer. Toen we zeiden Nederland, kwam hij net een verhaal over dat hij in Groningen is geweest. Net als al vele keren deze dagen hebben we een tijdje gekletst. Uiteraard wilde hij ook zijn diensten aanbieden, maar daarom ook gezellig gekletst met Gerrit. Tenminste, dat was zijn Nederlandse naam zei hij. Eigenlijk heet hij Khalid.

