Ofcourse they ride bikes

Het is weer vakantie. En als het even kan betekent dit dat ik weer een reis maak naar een ander land. Deze keer zijn Robin en ik naar Budapest (Hongarije) gevlogen. Een vlucht van nog geen 2 uur met WizzAir.

Net als bij Ryanair, zijn de vluchten van Wizzair budgetvluchten. Zo lijkt het althans op het eerste gezicht. Toen wij incheckten, betaalden we per vlucht rond de € 25,- per persoon om een stoel te kiezen. Leuk dat goedkoop vliegen, maar met dit soort geintjes wordt de vlucht al snel duurder. Wij kozen dus voor random plaatsen en werden op rij 10 en 39 geplaatst; uiteraard… Toen wij het vliegtuig instapten dus meteen gevraagd of we mogelijk bij de nooduitgang konden zitten. Aangezien deze plaatsen nog duurder zijn, boekt niemand deze. Uiteindelijk zou de stewardess kijken of wij toch nog bij elkaar konden zitten. Een andere passagier bood vervolgens aan om te wisselen. Zij zat ook op 39 en haar dochter op 23. Prima! Toen iedereen aan boord was bleek zelfs dat de achterste rij helemaal vrij was. Wij zijn hier dus bij elkaar gaan zitten. Ideaal dit! Drie stoelen voor 2 personen en als eerste het vliegtuig uit.

Eenmaal aangekomen, namen we de bus naar het centrum. Bij ons appartement keken we wat we die middag wilden gaan doen. Inchecken kon helaas nog niet, omdat we te vroeg waren. We besloten vandaag om een wandeling te maken door het noordelijke deel van Pest. Nee, ik ben niet vergeten Buda ervoor te zetten. De stad Budapest bestaat namelijk uit twee delen. Aan de ene kant van de rivier ligt de stad Buda. Aan de andere kant ligt Pest (spreek uit als: Pesht). Wij verblijven dan ook in het Pest deel van Budapest. Tijdens de wandelroute kwamen we als eerst langs het operahuis. Een mooi gebouw, maar verder niks bijzonders. Vanuit daar liepen we door een leuke straat met veel terrasjes. Hier besloten we wat te eten en drinken. Met een gevulde maag liepen we door naar het parlementsgebouw.

Terwijl we het eerste uur door Budapest liepen, vonden we het al een mooie stad. De stad deed veel denken aan andere steden waar we zijn geweest. Zo liepen we voor de hoofdstraat met dure winkels wat leek op een straat in Barcelona. Kwamen we op een pleintje uit wat deed denken aan Merida (Mexico). Liep je een stukje verder deed het denken aan Praag. Maar ook leken sommige straten ineens op Lissabon. Het was een beetje een mix van alles. Na een minuut of 15 door de leuke straten lopen, kwamen we aan bij het parlementsgebouw. Een groot en indrukwekkend gebouw. Ik blijf mij er bij dit soort gebouwen vooral over verbazen hoe men dit ook gebouwd heeft. Het parlementsgebouw ligt aan de rivier de Donau. Als je het gebouw vanaf de zijkant bekijkt, doet het je dan ook denken aan het parlementsgebouw in Londen.

We zijn vervolgens de rivier afgelopen naar een monument van schoenen. Deze schoenen waren niet zomaar schoenen, maar stonden symbool voor schoenen van Joden. In het laatste jaar van de oorlog lag de macht in Hongarije bij een extreem rechtse partij. Deze politie, horende bij de partij, liet grote groepen Joden uit Budapest langs de rivier staan. Hier moesten zij hun schoenen uittrekken en werden ze doodgeschoten. Ze vielen dan voorover de rivier in. De rij schoenen staan symbool voor deze daad. Het zijn overigens geen echte schoenen. Ze zijn nagemaakt van metaal. Toen we wilden doorlopen hoorden we een Nederlander op de fiets aankomen. “Pas op er komen ook fietsers van rechts!“ Kan niet missen dat dit een Nederlander was. Wij dachten echter een vader met zijn gezin. Dit was een tourgroep. Uiteraard dat zij als echte Nederlanders met de fiets een tour deden. Niet veel verder stond er ook nog een groep vrouwen met fietsen. Ook dit leek een tour en ook zij waren uiteraard op de fiets.

De route langs de rivier was een mooie route om te lopen. Wij zijn vanuit hier doorgelopen naar de St. Stephen Basiliek in de stad. Eigenlijk ben ik niet meer zo van dit soort gebouwen, omdat ik er al genoeg heb gezien. Toch wilde ik hier naartoe, omdat je naar boven kunt de koepel in. Vanuit hier heb je een mooie uitzicht over de stad. We liepen door de straat richting de basiliek en vonden hem er toen al mooi uitzien. In de verte zag je al dat dit een groot gebouw was. Op het plein ervoor uitgekomen, was het een mooi aanzicht. Na kaartjes te hebben gekocht en een aantal trappen op, stonden we boven in het gebouw. Met een 360 graden uitzicht over de stad, was dit wel de moeite waard.

Na een tijdje te hebben gewandeld, konden we onze kamer in. Robin had niet zo best geslapen, dus pakten we wat rust. Toen de energielevels waren aangevuld, besloten we wat te gaan eten. We vonden een restaurant dat goed aangeschreven stond. Hier bestelde Robin een Weiner schnitzel en ik een Kiev chicken. Misschien niet de meest Hongaarse gerechten, maar wel uit de regio. Beiden smaakten erg goed. Ik bestelde wel een typisch Hongaars bijgerecht. Ingelegde paprika met zuurkool. In Hongarije eten ze veel ingelegde groeten. Meestal vullen ze deze dan met een vorm van kool. Een lekkere snack voor bij de kip. Een toetje mocht ook niet ontbreken. Dus bestelde Robin een appel strudel (ook in Hongarije bekend) en ik een chocolade taartje.

Om de dag af te sluiten liepen we door de straten naar benden richting de rivier. Het begon al donker te worden (hier ongeveer 1 uur vroeger dan in Nederland), waardoor de gebouwen mooi verlicht worden. Vooral in Buda (de andere kant van de rivier) staan veel gebouwen op heuvels. Dit geeft een mooi plaatje in het donker. Terwijl we terugliepen, hoorden we muziek in een klein park. Het klonk als live muziek, dus liepen we erop af. Achterin het parkje stond inderdaad een band. In het midden stond een fontein en rondom waren allemaal mensen aan het (stijl)dansen. Het was duidelijk dat deze mensen dit vaker deden, want de verschillende vormen dans zagen er strak uit. Wij deden zelf niet mee, maar het was wel leuk om naar te kijken. Het dansen verliep zo soepel en de mensen hadden zichtbaar plezier. Leuk om de dag zo af te sluiten.

Een gedachte over “Ofcourse they ride bikes

Plaats een reactie